Review: Abunai! 2016

‘Abunai!’ is het Japanse woord voor gevaar, en het gevaar zat hem op de Brusselse ring, toch voor die ene automobilist waardoor ik wederom naar traditie de openingsceremonie heb gemist van dit fantastisch Nederlands festival over de Japanse cultuur.

‘Abunai!’ wordt georganiseerd door een vereniging zonder winstoogmerk en vertrouwt daarom veel op vrijwilligers. Het geeft je die aangename, vriendelijke niet commerciële sfeer, maar dit jaar liet de keerzijde van die medaille zich iets beter voelen. Veel activiteiten werden afgelast of verplaatst naar een ander tijdstip of lokaal wegens problemen zoals ziekte en miscommunicatie. De vereniging heeft haar best gedaan om dit zoveel mogelijk te melden met affichering en sociale media, maar gekluisterd aan je programmaboekje viel het niet zo direct op. Te veel heeft mijn planning hier gelukkig niet onder geleden, ze was dan ook niet zo vol geropt als de voorgaande jaren. Vier jaar op een rij ‘Abunai!’ bezoeken zorgt ervoor dat je bepaalde lezingen wel al gezien hebt en er waren wat minder algemene lezingen over Japan (niet-pop-cultuur), wat juist mijn kopje (matcha) thee is.

Heb ik me dan verveeld tijdens die openingen in mijn planning? Neen! ‘Abunai!’ is groter dan de tijdstabel laat blijken, en zeker nu er een extra stuk van het Koningshof hotel gebruikt wordt. Doorlopend op de dag kan je gaan videogamen, knutselen, tekenen, shoppen, zingen, airsoften, boardgamen, shogi, go en mahjong spelen. En dat laatste heb ik vaak met vrienden gedaan. En dat is één van de dingen waar ‘Abunai!’ om draait. Samen zijn met anderen en het plezier van je leven hebben (duidelijk geen inspiratie van het ‘Abunai!’ filmpje van dit jaar opgedaan).

Wat heb ik nu eigenlijk allemaal op ‘Abunai!’ gedaan buiten veel mahjong gespeeld? Wel ik had een wat mindere start met een lezing over esthetica. Persoonlijk ben ik er niet slimmer van geworden en ook al werd het in het begin uitgelegd, begreep ik niet wat die lezing op ‘Abunai!’ deed. Daarna kwam alles weer goed, want het was tijd voor de ‘Suger rush night’ van  de winkel ‘Tofu Cute’. Sterk bevooroordeeld door hoeveel ik van de winkel en de entourage hou, kan ik niet anders zeggen dan dat hun panels zoals de ‘sugar rush, snack tasting’ en de ‘Panda-Chan meet & greet’ mijn topmomenten van het evenement zijn.

Geen zorgen, ik heb niet enkel snoep zitten vreten op ‘Abunai!’. Ik heb ook wat volwaardiger voedsel gemaakt. Zoals een Pikachu-kyaraben, onigiri’s met zalm en rijst, en een ‘melon pan broodje’. Ook mijn avondmalen waren volwaardig dankzij het buffet in Koningshof waarvoor ik vouchers heb gekocht. Vrijdag ben ik in thema begonnen met rijst, zaterdag aardappelen en/of pasta en zondag om het einde te vieren frietjes. Er werd ook zoveel mogelijk geprobeerd om met vegetariërs rekening te houden, ook in de voedselworkshops. Met al dat eten mag ik ook niet vergeten het lekkere ontbijt van mijn hotel ‘Hampshire’ (parkzicht) in Veldhoven te vernoemen. Zoals vorig jaar was het verblijf daar goed, enkel een ijskastje miste ik wel met het warme weer. Gelukkig dat ‘Abunai!’ de airco extra hard heeft gezet en zoveel mogelijk zijn best heeft gedaan om gratis water te voorzien. Een lekkere ‘bubbel tea’, matcha-ijsje en milkshake van zwarte sesam waren ook niet mis met dat warme weer.Het waren drie dagen vol belevingen, te veel om het je allemaal te vertellen. Je moet gewoon in 2017 zelf gaan. Ik zal je het thema al verklappen. Het is iets waar ikzelf al helemaal naar uit kijk, helemaal mijn ding, want sci-fi-gewijs zoals het thema van dit jaar gaan we terug in de tijd naar een tijd van samoerai & geisha met ‘History in the making’.

Japanse talismannen

Het geluk zit ‘m in de kleine dingen, zo weet men in Japan. In Japan kennen ze net als bij ons geluks- en ongeluksgetallen en hebben ze ook net als ons klavertjevier of ons konijnenpootje hun eigen talismannen. Engimono zijn Japanse talismannen die voor bijvoorbeeld een betere toekomst, betere visvangst of goede schoolresultaten moeten zorgen.

Dieren

Maneki-neko is een kat die je vaak in Japanse winkels en restaurants tegenkomt (of op onze webpagina!). Eeuwen geleden vond een samoerai zijn weg niet meer terug toen hij een witte kat tegenkwam. Hij volgde de kat en kwam zo bij een priester terecht die hem een slaapplaats aanbood. Sindsdien is het bijgeloof van de witte kat begonnen. De kat met zijn pootje in de lucht moet voor goede zaken zorgen en ziet er vooral ook leuk uit als decoratie.

Ben je eerder een honden- dan een kattenliefhebber, dan bestaat er voor jou een hondentalisman, de inu-hariko. De hond is gemaakt van papier-maché en zorgt voor een goede bevalling en een goede opvoeding van kinderen. En voor liefhebbers van vee: er bestaat ook een koe van papier-maché die ongeluk weghoudt en een paard van stro dat voor een goede oogst zorgt.

Ook tanuki of wasbeerhonden brengen geluk. Je ziet tanukibeeldjes vaak buiten voor winkels en restaurants, omdat die voor goede zaken zorgen. De beeldjes lijken in de verste verte niet op het echte dier, maar meer op een cartoonfiguurtje. In de Japanse folklore zijn ook veel verhalen met tanuki te vinden, waarin ze vaak ook een komische rol spelen.

Poppen

Als je een wens wil waarmaken, koop je het beste een darumapop. De rode popen komen zonder ogen. Het is de bedoeling dat je zelf een van de ogen inkleurt en wanneer je wens uitkomt, kleur je ook het andere oog in uit dankbaarheid. De poppen werden oorspronkelijk van papier-mache gemaakt met een gewicht vanonder, dat voor doorzettingsvermogen staat, maar tegenwoordig vind je ze ook in bijvoorbeeld steen of plastic.

Ook andere poppen brengen in Japan geluk. Met nieuwjaar kan je bij schrijnen je oude poppen inwisselen voor nieuwe exemplaren en ook dat zou geluk brengen. Houten popjes in de vorm van een uso, goudvink moeten voor geluk zorgen. Uso kan in het Japans zowel goudvink als leugen betekenen. Het popje staat teken voor alle zonden die de eigenaar ervan het voorbije jaar gedaan heeft. Bij de omruiling voor een nieuw, verdwijnen die zonden dan ook.

Gereedschap?

Op nieuwjaar kan je ook een hamaya kopen, een pijl die boze geesten moet verdrijven. In de Edo-periode werd een decoratieve pijl en boog aan nieuwgeboren jongens gegeven in het begin van het nieuwe jaar. Tegenwoordig kan je de pijl aan iedereen geven, maar de boog krijg je er meestal niet meer bij.

Uchide-no-kozuchi is een houten hamer die rijkdom brengt als je ermee schudt. De hamer komt voor in de Japanse folklore, waar een van de zeven geluksgoden de hamer draagt. In Japan vind je ook standbeelden van de god met de hamer. Je kan er dan helaas niet mee schudden, maar velen Japanners wrijven er in de plaats over.

Alle gekheid op een stokje: de kumade is een hoop haast willekeurige decoratie op een bamboestok. Je kan eigenlijk al het bovenstaande en meer op de bamboestok kleven. De kumade kan als het ware het geluk opscheppen en wordt op speciale dagen verkocht aan schrijnen.

Omamori

In tempels en schrijnen kan je ook omamori kopen. Het zijn meestal stoffen zakjes die het geluk een handje helpen. Zo heb je omamori voor goede schoolresultaten, voor veiligheid bij het rijden, voor een veilige vlucht, voor meer geld, voor een goed huwelijk enzovoort.

De omamori zijn alvast minder origineel dan de bovenstaande, maar als je een specifieke wens hebt, zal er waarschijnlijk wel een omamori voor bestaan. Vind je er een voor veiligheid bij het rijden wat te algemeen en heb je er liever een specifiek voor de fiets? Ook die bestaat.

Het verschil tussen tempels en schrijnen

“Is dit nu een schrijn of een tempel?” Die vraag kwam meermaals in mij op in Japan en ik zal waarschijnlijk niet de enige zijn die zicht dat afvraagt. Dan blijft nog de vraag hoe je je er moet gedragen.

De twee belangrijkste godsdiensten in Japan zijn het boeddhisme en het shintoïsme. Het boeddhisme komt uit India en is via China in Japan terechtgekomen. Het shintoïsme is de eigen Japanse godsdienst. De twee zijn ook combineerbaar, waardoor de meeste Japanners zowel boeddhist als shintoïst zijn.

Bij twee godsdiensten horen natuurlijk ook twee soorten religieuze gebouwen: bij het boeddhisme is dat een tempel, bij het shintoïsme is dat een schrijn. Bij de twee godsdiensten horen andere gebruiken, wat dus ook wil zeggen dat je je anders gedraagt in een tempel dan in een schrijn. Dat maakt het wel soms moeilijk voor toeristen, want voor leken zien de twee gebouwen er hetzelfde uit.

De tempel

De tempel is het religieuze gebouw van het boeddhisme. Het boeddhisme komt oorspronkelijk uit India en is via China overgewaaid naar Japan. Japanners gaan vooral naar tempels voor begrafenissen en om te bidden tot hun voorouders.

Een tempel ga je binnen door een grote poort waar er meestal aan de weerszijden standbeelden van demonen staan. De belangrijkste gebouwen van een tempel zijn de centrale hal, waarin zich een beeld van boeddha bevindt, en de pagode. De pagode heeft meestal vijf verdiepingen die elk de elementen van het boeddhistische universum voorstellen: de onderste verdieping staat voor aarde, daarop volgen water, vuur, wind en lucht. Een tempel heeft ook vaak een bonshou of of klok. De bel slaat 108 op oudjaar en moet de  108 zonden van de mens verdrijven.

Voor je bidt in de centrale hal reinig je je handen en mond in de temizuya, een paviljoen met een waterkom en pollepels. Je wast er eerst de linkerhand, dan de rechterhand, de mond (je spoelt je mond en spuwt het water dan weer uit) en als laatste het handvat van de pollepel. In de centrale hal bid je meestal voor het beeld van boeddha. Dat doe je door eerst geld te gooien in de daartoe bestemde bak. Nadien bid je met je handen tegen elkaar. Je kan ook wierook kopen die je dan aan de centrale hal opbrandt.

De schrijn

Shintoïsme wordt beoefend in een schrijn. Het shintoïsme is de inheemse religie van Japan die gebaseerd is op de angst en het ontzag voor demonen en bovennatuurlijke krachten. In schrijnen vinden vooral trouwpartijen plaats. Japanners komen er ook om te bidden voor geluk in het leven of succes op het werk.

De schrijn is vooral herkenbaar aan de torii of ingangspoorten. Ze zijn meestal rood en eenvoudiger dan de poorten van tempels. De schikking van de gebouwen bij een schrijn is ook minder gestructureerd dan bij een tempel. Daarnaast zijn de daken anders: een tempel heeft meestal dakpannen, terwijl een schrijn meestal een dak heeft van laagjes boomschors.

Je bidt ook anders in een schrijn dan in een tempel. Je reinigt er wel, net als in een tempel, eerst je handen en mond in de temizuya. Daarna ga je naar het hoofdgebouw, honden of shinden, waar je geld gooit in de rode doos aan de ingang en dan kan je de bel luiden aan de ingang. Bij het bidden buig je twee keer, dan klap je tweemaal in de handen, je doet je gebed en je eindigt met een enkele buiging. Aan een tempel klap je niet in je handen.

Is Godzilla te dik?

Vanaf vandaag is de nieuwe Godzilla-film bij ons in de bioscoopzalen te zien. De remake van de Japanse film uit 1954 wil grootser, opvallender en spannender zijn dan al zijn voorgangers en met een 3D-brilletje op lijkt dat wel eens te lukken. Godzilla in 3D wil ook zeggen dat je zijn ‘vormen’ goed kan aanschouwen. Het Japanse oordeel luidt: “Godzilla is te dik”.

De hetze rond het figuur van Godzilla kwam er al toen de Amerikaanse trailer op Japanse schermen te zien was. Vele Japanners lieten op Japanse blogs weten “verveeld te zijn met hoe dik het nieuwe monster lijkt in de trailer“. Volgens anderen is hij dan weer “zo dik dat het lachwekend is“. De nieuwe Godzilla kreeg al meteen wat bijnamen: ‘caloriemonster‘ en ‘Godzilla deluxe‘.

Het gezegde “ze is dik, maar ze heeft wel een mooi gezicht” is ook hier van toepassing. Een fan wist het persagentschap AFP te zeggen dat godzilla wel nog een redelijk hoofd heeft, maar “hij is dik vanaf de nek naar beneden en gigantisch vanonder“.

De godzilla uit 1954 was anders ook niet meteen een fotomodel. Onderstaande grafiek toont hoe Godzilla doorheen de jaren is geëvolueerd. Hij lijkt er niet meteen dikker op geworden, maar vooral stukken groter: van zo’n 50 meter tot maar liefst 150 meter. Volgens schattingen zou de nieuwe Godzilla wel 55 000 ton wegen en als we even rekenen is dat een BMI van 2 444 (55 000 000/150²) en dus ver boven het gezonde BMI van 20 tot 25…

Wat denk jij? Mag er een beetje pak aan jouw Godzilla zijn of vind jij de nieuwe Godzilla te dik? Laat je horen bij de comments!

Wat Japanners denken over Otaku’s

In het westen staat ‘otaku’ voor iemand met een grote passie voor anime, manga en alles wat daarbij hoort en dat is dan ook wat we hier met het woord associëren. Maar wat denken Japanners er eigenlijk van?

Zoals het in veel talen gaat, is het ook in het Japans zo dat woorden kunnen evolueren totdat ze een geheel andere betekenis krijgen. Wanneer het woord ‘otaku’ geschreven word als お宅 betekent het niet meer dan ‘uw huis’. Omdat het woord later evolueerde naar de internationaal gekende ‘otaku’ die naar een persoon verwijst, was een andere schrijfwijze nodig om het onderscheid duidelijk te maken, namelijk オタク.

Hoewel het woord ‘otaku’ voornamelijk staat voor mensen met obsessieve interesses, wordt het zowel in het westen als in Japan vooral geassocieerd met mensen die obsessief bezig zijn met anime en manga en vaak niet op een positieve manier. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat iedereen die zichzelf een ‘otaku’ noemt ook niets anders doet dan geld uitgeven aan anime- en manga-gerelateerde dingen en leeft onder een berg van strips en figurines. Dit artikel op de website van Danny Choo toont aan hoe groot het verschil is tussen de extreme ‘otaku’ die veel mensen zich voor de geest halen, en de ‘otaku’ die veel mensen in werkelijkheid zijn.

Het stijgende aantal van die niet-extreme en meer realistische ‘otaku’ in Japan heeft ervoor gezorgd dat de benaming wat van zijn negatieve kant verloren heeft. Toch wordt het vaak nog gezien als iets waar je niet trots op hoort te zijn, voornamelijk in bepaalde kringen. Zo verkondig je op de werkvloer in Japan maar best niet te enthousiast dat je een ‘otaku’ bent.

Ongeveer een derde van de otaku’s zegt dan ook dat hun vrienden niet weten dat ze een ‘otaku’ in hun midden hebben, en bijna vier op de tien zegt dat zelfs hun ouders niet op de hoogte zijn. Slechts één op tien liet weten dat absoluut niemand van zijn leven als ‘otaku’ weet. Dat maakt een onderzoek naar de negatieve connotaties aan het woord ‘otaku’ in Japan des te moeilijker.

Het Japanse bedrijf DIP (Dream Idea Passion) heeft het fenomeen toch proberen te onderzoeken. Het liet onlangs een enquête invullen met de vraag waaraan mensen denken bij het horen van het woord ‘otaku’. De antwoorden op de vraag variëren enorm, gaande van ‘broeken met veel zakken’ (4.8%) tot ‘halsdoeken’ (14.5%) en ‘rugzakken’ (23.5%). De top vijf van de resultaten bestaat uit dingen die we uiteindelijk allemaal associëren met otaku’s:

  1. iemand die geobsedeerd is door zijn/haar hobby (61.9%),
  2. iemand die van anime houdt (50.4%),
  3. iemand die veel weet over een enkel onderwerp (47.9%),
  4. iemand met zijn/haar eigen wereldje (46.8%),
  5. Akihabara/Akiba (45.6%).

Voor meer details, ga naar Japan Today.

Ghibli maakt hentai

[Dit artikel is verschenen als 1-aprilgrap] Studio Ghibli brengt volgend jaar zijn eerste hentai-film uit. De zopas “gepensioneerde” Hayao Miyazaki zal de film regisseren. Hij gelooft dat hij zo de erotische anime kan opwaarderen. 

Het nieuws zorgde in Japan al voor heel wat ophef. Studio Ghibli is voor Japan wat Disney voor het westen is. Dat een bedrijf dat normaal gezien familiefilms maakt nu een erotische film maakt, was dan ook voor veel Japanners onbegrijpelijk. Daarom besloot Miyazaki, die normaal amper met de pers spreekt, om een persconferentie te geven in de hoop zo de brokken alsnog te lijmen.
Studio Ghibli was de lage kwaliteit van hentai-films beu en besloot zelf het roer om te slaan. “In plaats van ons te ergeren aan de films van andere studio’s, kunnen we het zelf beter proberen doen”, zei Hayao Miyazaki. Ook de vrouwonvriendelijke verhaallijnen vormden een bron van ergernis. “In onze film zetten we resoluut een sterke vrouw in de hoofdrol”.

De nieuwe film zal ‘ヨリンデとヨリンゲル’ of ‘Jorinde en Joringel’ heten en is gebaseerd op het gelijknamige sprookje van de gebroeders Grimm. Het sprookje gaat over de jongen Joringel en het meisje Jorinde die verliefd worden. Het meisje verandert door een betovering in een nachtegaal. Hoe dat sprookje in een erotisch verhaal zal worden omgezet, wil Studio Ghibli nog niet kwijt.

Lolitastijl: schattig maar verontrustend

Iedereen kent ze wel: de Japanse lolitameisjes. Wat begon als een popachtige straatmode wordt nu steeds meer als normaal beschouwd in Japan. Deze herfst waren tijdens Japan Fashion Week veel roze en pastel kleurige pofmouwen, grote strikken, witte paraplu’s enzovoort te zien. Maar is dit allemaal wel zo normaal?

Wil je meer weten over dit onderwerp, klik dan op deze link.

Het artikel bevat ook een interview met het lolitamodel Misako Aoki met daarin een lolita make-up tutorial.