Babymetal op Fortarock 2016

5 juni 2016 stond voor ons geheel in het thema van Japanse metal met een schattige toets, want voor het eerst kwam Babymetal optreden in Nederland. Je kon ze terugvinden op het festival Fortarock in het Goffertpark te Nijmegen.

De keuze was misschien wat gewaagd en het viel niet te voorspellen of de groep in de smaak ging vallen bij de diepgewortelde metalfanaten, maar, alleszins voor ons, was het een schot in de roos. De reactief van het publiek deden vermoeden dat wij niet alleen van die mening zijn. De tent stond vol enthousiaste ‘diehard’ fans en nieuwsgierigen.

Babymetal is een Japanse band met drie jonge ‘kawaii’ zangeresjes/danseresjes (Su-metal, Yui-metal en Moa-metal) met het concept van een fusie van metal en idoolmuziek. Geen van de drie meisjes wist wat metalmuziek was, voor de band werd opgericht. Ze waren zelf idoolmuziek gewoon en werden gevraagd eens iets anders te doen.

Er was veel volk aanwezig en zowel fans als nieuwsgierigen gingen geweldig uit hun dak. Een uur compleet gevuld met een prachtige show begon met een rustige intro waar de sfeer langzaam tot een hoogtepunt kwam. Meteen gingen ze van start met hun bekendste hit Gimme Chocolate!!. Even waren we aan het vrezen dat iedereen zou weglopen na hun bekendste liedje, maar dat was zeker niet het geval.

Een strakke solo van gitaren en drums laaide de sfeer opnieuw op en in een mum van tijd ontstonden er al circle pits en zelfs meerdere wall of death’s. Daarna bleven de artiesten een beetje op de achtergrond terwijl de meisjes de show stalen met hun perfect synchrone danspasjes, choreografie en zang. Af en toe werd er subtiel gebruik gemaakt van wat extra attributen, waardoor het op sommige momenten leek alsof je live naar de videoclip aan het kijken was. Het publiek ging van het eerste moment tot het laatste volledig uit zijn dak en de stem van Su-metal klonk zeer goed in de oren. Jammer dat de zang van Yui en Moa er weinig doorkwam, maar de dans was dan wel zo goed als perfect. De show eindigde met hun twee laatste hits Karate en Road to Resistance.

De conclusie is een prachtig optreden. Hopelijk volgende keer op de Main Stage waar ze nog beter tot hun recht kunnen komen.

Het verschil tussen tempels en schrijnen

“Is dit nu een schrijn of een tempel?” Die vraag kwam meermaals in mij op in Japan en ik zal waarschijnlijk niet de enige zijn die zicht dat afvraagt. Dan blijft nog de vraag hoe je je er moet gedragen.

De twee belangrijkste godsdiensten in Japan zijn het boeddhisme en het shintoïsme. Het boeddhisme komt uit India en is via China in Japan terechtgekomen. Het shintoïsme is de eigen Japanse godsdienst. De twee zijn ook combineerbaar, waardoor de meeste Japanners zowel boeddhist als shintoïst zijn.

Bij twee godsdiensten horen natuurlijk ook twee soorten religieuze gebouwen: bij het boeddhisme is dat een tempel, bij het shintoïsme is dat een schrijn. Bij de twee godsdiensten horen andere gebruiken, wat dus ook wil zeggen dat je je anders gedraagt in een tempel dan in een schrijn. Dat maakt het wel soms moeilijk voor toeristen, want voor leken zien de twee gebouwen er hetzelfde uit.

De tempel

De tempel is het religieuze gebouw van het boeddhisme. Het boeddhisme komt oorspronkelijk uit India en is via China overgewaaid naar Japan. Japanners gaan vooral naar tempels voor begrafenissen en om te bidden tot hun voorouders.

Een tempel ga je binnen door een grote poort waar er meestal aan de weerszijden standbeelden van demonen staan. De belangrijkste gebouwen van een tempel zijn de centrale hal, waarin zich een beeld van boeddha bevindt, en de pagode. De pagode heeft meestal vijf verdiepingen die elk de elementen van het boeddhistische universum voorstellen: de onderste verdieping staat voor aarde, daarop volgen water, vuur, wind en lucht. Een tempel heeft ook vaak een bonshou of of klok. De bel slaat 108 op oudjaar en moet de  108 zonden van de mens verdrijven.

Voor je bidt in de centrale hal reinig je je handen en mond in de temizuya, een paviljoen met een waterkom en pollepels. Je wast er eerst de linkerhand, dan de rechterhand, de mond (je spoelt je mond en spuwt het water dan weer uit) en als laatste het handvat van de pollepel. In de centrale hal bid je meestal voor het beeld van boeddha. Dat doe je door eerst geld te gooien in de daartoe bestemde bak. Nadien bid je met je handen tegen elkaar. Je kan ook wierook kopen die je dan aan de centrale hal opbrandt.

De schrijn

Shintoïsme wordt beoefend in een schrijn. Het shintoïsme is de inheemse religie van Japan die gebaseerd is op de angst en het ontzag voor demonen en bovennatuurlijke krachten. In schrijnen vinden vooral trouwpartijen plaats. Japanners komen er ook om te bidden voor geluk in het leven of succes op het werk.

De schrijn is vooral herkenbaar aan de torii of ingangspoorten. Ze zijn meestal rood en eenvoudiger dan de poorten van tempels. De schikking van de gebouwen bij een schrijn is ook minder gestructureerd dan bij een tempel. Daarnaast zijn de daken anders: een tempel heeft meestal dakpannen, terwijl een schrijn meestal een dak heeft van laagjes boomschors.

Je bidt ook anders in een schrijn dan in een tempel. Je reinigt er wel, net als in een tempel, eerst je handen en mond in de temizuya. Daarna ga je naar het hoofdgebouw, honden of shinden, waar je geld gooit in de rode doos aan de ingang en dan kan je de bel luiden aan de ingang. Bij het bidden buig je twee keer, dan klap je tweemaal in de handen, je doet je gebed en je eindigt met een enkele buiging. Aan een tempel klap je niet in je handen.

Japan op rijafstand: Japantown in Düsseldorf

Karaokebars, Japanse boekenwinkels, sushirestaurants en sakebars. Düsseldorf heeft het allemaal. Düsseldorf heeft de grootste Japanse gemeenschap van het Europese vasteland en daar kunnen liefhebbers van de Japanse cultuur zoals wij alleen maar van profiteren.

De banden tussen Düsseldorf en Japan gaan terug tot de negentiende eeuw. De Düsseldorfse zakenman Louis Kniffler zorgde voor het eerste handelsverdrag tussen Pruisen (dat zich bevond op het grondgebied van Duitsland en Polen vandaag) en Japan en werd ook de eerste Pruisische consul in Japan. Toen hij terugkwam van Japan opende hij een Japans handelshuis in Düsseldorf. Toch duurde het tot 1950 tot er een enkele Japanner in Düsseldorf kwam wonen. Nu wonen en werken er meer dan 6500 Japanners, wat overeenkomt met iets meer dan een procent.

De Japanse aanwezigheid is duidelijk te merken in de wijk rond het centraal station van Düsseldorf, ook wel Japantown genoemd. Rond de Immermannstraße en Charlottenstraße zijn tal van Japanse winkels en restaurants te vinden: van karaokebars tot sushirestaurants en Japanse boekenwinkels. Het zijn er te veel om allemaal op te noemen, maar wij bezochten er enkele van.

Supermarkten

Düsseldorf is een aantal Aziatische supermarkten rijk. Je kan er niet alleen Japanse, maar ook onder andere Koreaanse, Chinese en Thaise specialiteiten vinden. Zo zijn er de supermarkten Dae-Yang, Shochiku en Hanaro. Wij bezochten die laatste, wat ook de grootste van de drie is. Je vindt er voedingswaren zoals noedels, specerijen, Aziatische frisdranken, thee en de supermarkt heeft ook zijn eigen Aziatische beenhouwerij. Daarnaast kan je er ook Aziatische stokjes en kommen kopen of originele Japanse rijstkokers.

Boekenwinkels

We zetten onze weg verder naar twee Japanse boekenwinkels: BOOKstore NIPPON en Takagi. In BOOKstore NIPPON vind je veel Japans leermateriaal: Japanse tekstboeken en boeken die helpen bij de voorbereiding van het JLPT-examen (een jaarlijks examen dat de Japanse kennis test), maar ook reisgidsen over Japan en Japanse romans. De winkel is goed geordend en je vind er gemakkelijk terug wat je zoekt. De prijzen liggen wel wat aan de hoge kant, wat normaal is geïmporteerde boeken. Je mag je verwachten aan een prijs die twee keer zo hoog is als de prijs in Japan.

Takagi is iets goedkoper, maar ook een stuk minder gestructureerd: de winkel is ongeveer even groot, maar heel wat voller. Je vindt er ook Japanse leerboeken, maar in mindere mate dan in BOOKstore NIPPON. Wat je er dan wel in overvloed vindt zijn Japanse magazines en Japanse romans. Terwijl BOOKstore NIPPON handig is om boeken te vinden om Japans te leren, is Takagi handig als je al Japans kan en je het wil onderhouden.

Gebakjes

Maid cafés zal je niet vinden in Düsseldorf, maar een lekker stuk staart met Japanse thee erbij wel. Er zijn twee Japanse bakkerijen: Taka en My Heart. Die laatste is zelfs zo populair dat je de broodjes ervan ook in Brussel kan kopen. Je kan je stuk taart eten bij een tas thee in Tenten Café of Café Cérisier, waar wij naartoe zijn geweest voor een lekker stuk rodevruchtentaart en een matchamousse met rode bonen. Die waren zeker lekker, maar voor de prijs moet je het niet doen.

Restaurants

In Düsseldorf vind je tal van Japanse restaurants, je kan er zowat alles vinden: sushi, tempura, curry… De twee populairste restaurants zijn Takumi en Naniwa. Vanaf de namiddag staan er wachtrijen buiten om een plaatsje in de restaurants te bemachtigen. In Takumi vind je vooral ramennoedels, Naniwa heeft een uitgebreidere menukaart.

Wij hadden geen zin om aan te schuiven, dus gingen we voor een van de vele andere alternatieven: Café Relax. Het restaurant ziet er wel minder gezellig uit, maar het eten was lekker en niet duur. Er was geen betere manier om een dagje Japantown af te sluiten met een lekkere portie teriyaki-kip.

Het Radisson-Blu Hotel heeft onderstaand kaartje gemaakt om je te oriënteren in de Japanse wijk in Düsseldorf. Het is een handig kaartje, maar weet wel dat er veel meer is dan wat er op het kaartje staat.

Japanse geluks- en ongeluksgetallen

Op vrijdag de dertiende loop je best niet onder een ladder en kom je maar beter geen zwarte kat tegen. Het is een algemeen geweten gegeven voor ons. Japanners geven dan weer liever geen vier cadeautjes en mijden waar mogelijk de vierde verdieping van een gebouw. 

In Japan, en heel wat andere Aziatische landen, hebben ze angst voor het getal vier. Die angst wordt ook wel tetrafobie genoemd. In Japan wordt vier vertaald als 四, uitgesproken als yon of shi. Het toeval wil nu dat het woord voor dood, in het Japans 死 , ook als shi uitgesproken wordt. Bijgevolg mijden veel Japanners alles wat met het getal vier te maken heeft: veel gebouwen slaan bijvoorbeeld de vierde verdieping over en enkele gsm-merken passen hun serienummers in Azië aan.

Het gaat nog verder: niet enkel de vier zelf, maar ook cijfers die met een vier samengesteld zijn, hebben vaak een luguber karakter. 24 klinkt in het Japans bijvoorbeeld als nishi of twee keer dood en 42, shini, klinkt dan weer als ‘naar de dood’. 43, shisan, klinkt dan weer als shizan of ‘doodgeboorte’.

Ook het cijfer negen heeft in Japan een lugubere connotatie. Negen klinkt in het Japans als ku of kyuu en ook het Japanse teken voor lijden, 苦, wordt als ku uitgesproken. Cijfers als 49 of 94 zijn dan uiteraard ook absoluut te vermijden in Japan.

Gelukkig brengen cijfers in Japan niet enkel ongeluk. De zeven en de acht worden gezien als geluksnummers. Het cijfer zeven is een belangrijk cijfer in het boeddhisme en het Japanse teken voor acht, 八, doet denken aan voorspoed en groei omdat het naar beneden toe wijder wordt.

Het klinkt allemaal misschien maar als stom bijgeloof, maar Aziaten blijken er echt in te geloven. The British Medical Journal publiceerde een studie waaruit blijkt dat meer Aziaten op de vierde dag van de maand aan een hartaanval sterven dan op een andere dag. Volgens de studie komt dat omdat Aziaten door bijgeloof meer gestresseerd zijn op de vierde van de maand, waardoor ze dus sneller een hartinfarct krijgen. Het is óf dat óf het cijfer vier is écht een ongeluksgetal. Denk best dus eens twee keer na voor je iemand vier cadeautjes geeft.

Review: Our Little Sister

In Our Litte Sister krijgen de drie zussen Sachi, Yoshino en Chika na vijftien jaar niets van hem te hebben gehoord, bericht dat hun vader is overleden. Op de begrafenis leren ze hun halfzus kennen die al snel een deel van hun leven zal uitmaken.

De vader van Sachi, Yoshino en Chika kende een leven van rokkenjagerij waardoor zijn drie dochters, de dochter uit zijn tweede huwelijk, Suzu, en zijn weduwe of derde vrouw met elkaar geconfronteerd worden op de begrafenis. Hoewel die ontmoeting eerst wat onwennig is, klikt het al snel tussen de drie zussen en hun jongere halfzusje. Daarom stellen de oudste drie aan hun halfzus Suzu voor om bij hen te komen wonen in hun huis in Kamakura.  Wat volgt is het verhaal van hoe vier zussen hun eigen weg naar een gelukkig gezin proberen te vinden.

Dat verhaal is misschien niet eens een verhaal te noemen in de traditionele betekenis van het woord: een vertelling met een begin en een einde. Our Little Sisteris gebaseerd op de mangaserie Umimachi Diary van Akimi Yoshida en net als die reeks is de film een aaneenrijging van gebeurtenissen in het leven van de vier zussen. Toch voelt die onconventionele vertelstijl niet onwennig aan en de stijl past ook perfect samen met het onconventionele thema van de film.

Hirokaze Kore-Eda schuwt geen taboes. De regisseur verfilmde al het leven van een opblaaspop in Air Doll en de relatie van een vader en de zoon die niet van hem blijkt te zijn in Like Father, Like Son. Ook in Our Little Sister zoekt Kore-Eda een niet-alledaags thema op: hij laat een gezin van enkel vrouwen zien die hun mannetje kunnen staan. Sachi, de oudste van de vier zussen, draagt thuis de broek, ze fungeert zowel als moeder en als vader voor haar drie jongere zussen. Suzu, de jongste zus, is dan weer de ster van het lokale voetbalteam.

Dat wil niet zeggen dat Our Little Sister daarmee een feministische film is. Sachi is thuis dan wel hoofd van het gezin, op het werk is ze de verpleegster die flirt met de dokter. En Suzu zal maar een jaartje meer voor het voetbalteam kunnen spelen omdat er geen voetbalteam is voor meisjes ouder dan 15. Daarnaast is het gespreksonderwerp van de vier zussen meestal kleren of jongens.

De gespreksonderwerpen zijn dan niet altijd de meest diepgaande, toch kennen de film en de hoofdpersonages wel heel wat diepgang. Daar waar het eerste kwartier van de film vooral doet glimlachen, krijg je naarmate het verhaal zich verder ontwikkelt echte personen met al even echte problemen en gevoelens te zien. Ook het acteerwerk evolueert mee van eerder gekunsteld en anime-achtig naar realistisch en meeslepend.

Hirokazu Kore-Eda kiest dan wel voor de meest uiteenlopende onderwerpen voor zijn films, toch is er een rode draad: de liefde, of hoe op het eerste zicht abnormale relaties toch normaal kunnen aanvoelen. Met Our Little Sister toont hij dan weer dat een gelukkig gezin niet hetzelfde is als een perfect gezin. Het resultaat is een subtiele film met een vertederend verhaal.

Catering voor jou en je kat

Uiteten gaan met vrienden is fijn, maar thuisblijven met je kat is dat ook. Nestlé Japan heeft er een oplossing voor gevonden: hun cateringservice laat je thuis dineren met je kat. En nee, je zal geen kattenvoer moeten eten.

Nestlé Japan biedt een cateringservice aan voor katteneigenaars die liever samen met hun kat tafelen, dan hun kat een voederbakje op de grond voor te zetten. Het bedrijf heeft vorig jaar ook al een restaurant voor katten en hun eigenaars geopend. Net zoals toen is nu de bedoeling vooral om de het nieuwe kattenvoermerk MonPetit in de kijker te zetten en katteneigenaars kunnen er maar goed mee zijn.

Je hoeft gelukkig niet mee met je kat van het kattenvoer eten, maar de menu’s zijn, alvast qua uiterlijk, wel gelijkaardig, zoals je kan zien aan het menu.

Hello Kitty krijgt een film

Hello Kitty krijgt binnenkort haar eigen film. Het meisje dat op een kat lijkt, bestaat veertig jaar en wat is een betere manier om dat te vieren dan een eigen film?

Hello Kitty bestaat veertig jaar. Dat werd onlangs nog gevierd met een ruimtereisje. Er was het afgelopen jaar ook wel ophef over de schattige mascotte toen bleek dat ze geen kat, maar een meisje is.

Nu pakt Sanrio, het bedrijf achter Hello Kitty, uit met weer een ander nieuwtje: het bedrijf plant een Hello Kitty-film. Het zoekt daarvoor wel nog een Amerikaanse partner. De film zou in 2019 in première moeten gaan en tussen de 145 en 217 miljoen euro kosten.

Recordaantal toeristen in Japan

Nog nooit waren er zoveel toeristen in Japan als vorige maand. In april waren er 1 764 000 toeristen die naar het land van de rijzende zon trokken, een stijging van 43% ten opzichte van april vorig jaar.

Het recordaantal toeristen van 1,7 miljoen verslaat meteen het record van de maand ervoor: in maart kwamen er al 1.526 000 toeristen aan in Japan, maar april deed het dus nog beter. In totaal gingen dit jaar al bijna 6 miljoen toeristen naar Japan. Vooral de zwakke yen en het belastingvrij winkelen zouden aan de oorzaak liggen en van Japan een toeristische trekpleister maken. Bovendien is april traditioneel een maand waarin veel toeristen naar Japan gaan omdat dan de kersenbloesems in bloei staan.

De meeste toeristen kwamen in april uit China, zo’n 404 000, gevolgd door Taiwan met 336 100. Daarnaast waren er ook nog veel toeristen uit Thailand, Zuid-Korea, Hong Kong en de Verenigde Staten. Ook uit Europa waren er meer bezoekers, vooral Duitsers en Britten. De meeste toeristen gingen op reis in Tokio, Osaka en Nagoya. Op het platteland waren er niet veel meer toeristen.

Het stijgende aantal bezoekers doet de economie in Japan ook goed: zo’n 19 000 winkels hebben in april belastingvrij aan toeristen verkocht, dat is drie keer meer dan vorig jaar. Toeristen kopen ook steeds meer in Japan, vorig jaar kochten toeristen voor 15 miljoen euro in Japan.

Laat eens een schildpad uit

Dacht je dat je hond uitlaten wel al eens een vervelende taak was? Wat dacht je van het uitlaten van een schildpad? In Tokio kunnen de Japanners en toeristen zich vergapen aan een nieuwe attractie: de man en de schildpad.

Het toppunt van geduld is het allicht: het uitlaten van een schildpad. Waar anders dan in Japan heeft iemand zoveel geduld om met zijn schildpad te gaan wandelen. In Tokio kan je al veel eigenaardigheden bewonderen, maar zelfs voor inwoners van Tokio slaat dit alles.

Al verschillende malen is er in de wijk Tsukishima een man gespot op wandel met zijn schildpad. Een nieuwe manier om zen te worden? Allicht wel, want een schildpad heeft van nature niet zoveel beweging nodig en dus is een wandeling voor het dier eigenlijk overbodig.

Verbazend genoeg wijkt de schildpad geen seconde van de zijde van haar baasje. Hondenbaasjes zullen wel moeten erkennen dat dat met honden niet zo vanzelfsprekend is. Een hond trekt al eens aan de leiband of je moet sprinten om je hond bij te houden. Die problemen heb je natuurlijk niet als je gaat wandelen met een schildpad. En het zou natuurlijk Japan niet zijn als de schildpad niet haar eigen schattige outfit heeft. Of wat had je gedacht?

Van waar de man precies komt of naar waar hij juist wandelt, is nog een groot mysterie. Tot nu toe heeft nog niemand genoeg geduld gehad om de man tot het einde van zijn wandeling te volgen. Misschien is het wel een poging waard, want wie weet wat staat je aan het einde van de dag te wachten? Een opvangcentrum voor schildpadden misschien?

Lost in Translation 1: Reizen met de trein

Het land van de rijzende zon spreekt tot de verbeelding. Een Lost-in-translationmoment is nooit veraf. Eén van de redenen daarvoor is de taal, maar net zo zeer de speciale gewoonten en goodies die van Japan een onverstaanbaar land maken.

Wachten op de trein

“De trein heeft vertraging.” Een zin die helaas bijna dagelijks op het menu van de Belgische treinreizigers staat. Japan is voor treinpendelaars daarentegen een luxe. Vertragingen zijn er ongezien. Een Japanner die een vertraging meemaakt zal er nog maanden over praten; het is een fenomeen. De trein zal er ook echt stipt op de aangekondigde tijd vertrekken.

De treindeuren stoppen ook perfect aan de voorziene gele lijnen. Aan weerszijde vormen zich twee rijen van Japanners die keurig achter elkaar de trein opstappen. Duwen doen de Japanners niet. Ook niet in de metro trouwens, maar dat is eerder vanwege handtastelijkheden.

Vrouwenwagons

Het moet gezegd: Japanners zijn gekend om hun afstandelijkheid. Dat geldt wel niet als het gaat om vrouwen in de trein. De Japanse duwers van de metro mochten al hun biezen pakken vanwege handtastelijkheden. Daarnaast zijn heel wat treinen in Japan nu ook voorzien van vrouwenwagons. Sommige enkel in de spits, andere de hele dag door. Dat is niet alleen zo in Japan trouwens, blijkbaar zijn er ook in onder andere Thailand, Zuid-Korea en Egypte handtastelijke mannen.

Als vrouwelijke toerist kan je natuurlijk ook de Japanse mannen eens lef tonen. Kies niet voor de vrouwenwagon, maar ga in de wagon vol met mannen staan en staar ze aan. U mag er zeker van zijn dat geen enkele man je zal aanraken. Vooral uit vrees dat je een zwarte band in een vechtsport heeft of gewoon een goede rechtse.

Hier heerst stilte

Je hebt plaatsgenomen in de trein? Proficiat. Je kan nu zorgeloos genieten terwijl je aan een snelheid van 300 km per uur voorbij het landschap raast (of toch met de Shinkansen). Japan zou niet het land van regels en etiquette zijn als er ook geen no-go’s waren op de trein.

Je zal merken dat je in Japan nog echt kan genieten van de stilte op de trein. Je zal geen luidruchtige bellers of conversaties horen in de wagon. De regel op de trein is dat je er niet mag bellen. Sms’en kan wel zolang je gsm maar geen geluid maakt wanneer je een sms ontvangt. Je moet je gsm dus op ‘Manner Mode’ zetten, of hoe Japanners de stille modus graag noemen. Want als je stil bent, heb je manieren.

Je mag ook niet praten. Een gezellige babbel met je medereiziger zit er dus niet in. Je krijgt geen boete wanneer je praat, het is gewoon not done. Typ liever je conversatie op de gsm of praat heel stil. Af en toe zal je wel een gemene blik mogen verwachten.

Wat je niet ziet, mag je niet doen.

Een grote no-go in Japan is roken op de trein. Er zijn treinen met een rokersruimte, maar veel treinen hebben ze ook weer niet. Best lastig voor de gemiddelde rookverslaafde als je zo’n drie uur op de trein zit. Een poster met ‘verboden te roken’ zal je wel nergens zien.

Japanners doen niet graag aan verbieden. Ze tonen het  je liever wanneer je wel iets mag doen. Je zal dus geen verbodsborden zien, maar borden met de boodschap ‘hier mag u roken’. Op de trein zijn er soms rokersruimten voorzien. Is dat niet zo dan heb je pech en moet je het gemiddeld drie uur zonder je sigaret stellen.

Opgestaan is niet plaats vergaan

Ook in Japan vind je voorbehouden plaatsen, plaatsen speciaal voor oude mensen, mensen met een fysieke handicap, vrouwen in verwachting of moeders met kleine kinderen. Behoor je daar niet toe dan mag je plaats nemen op de stoelen tot er iemand op de metro of trein stapt die wel tot die groep behoort.

Zijn de speciale zitjes bezet dan moet je toch je plaats afstaan als er nog bijvoorbeeld een oude dame opstapt. Japanners geven niet graag toe dat ze een speciaal geval zijn. Ze gaan dus nooit letterlijk zeggen dat ze nood hebben aan een zitplaats. Wanneer je jouw plaats wil afstaan zal je dus het antwoord krijgen dat het niet nodig is. Ga er dan toch maar vanuit dat het wel nodig is.